fbpx

Dag 2

Na een ijskoude nacht werd ik deze tweede dag niet echt fit wakker. Twee koppen koffie pepten me wel enigszins op, maar met een beetje een duf hoofd voegde ik me bij de anderen. Echt, niet meer zo laat naar bed gaan.

Van het eerste onderwerp van deze tweede lesdag kreeg ik gelukkig weer energie. We kregen uitleg over het linguïstische deel van NLP: het Metamodel. Dat was voor mij, als taalgekkie, spekkie voor mijn bekkie. Zoals we gisteren geleerd hadden bij de uitleg over het communicatiemodel wordt een externe gebeurtenis door je onderbewuste niet letterlijk opgeslagen. Het laat dingen weg, vervormt en generaliseert eerst naar hartenlust. Hierdoor is het beeld dat je uiteindelijk opslaat verarmd, verschraald. En heel subjectief.

Stel je voor, vier mensen hebben gezamenlijk iets meegemaakt en je laat elk van deze personen de situatie beschrijven, dan krijg je vier verschillende verhalen. Geen van die vier verhalen is gelogen, maar verwarrend is het wel. Want hoe kom je er nou achter wat er werkelijk gebeurd is?

Daartoe is het Metamodel ontwikkeld. Het bevat tien definities van taalpatronen, verdeeld over drie

categorieën: de weglatingen, de generalisaties en, je raadt het al, de vervormingen.

Taalpatronen hinten naar hoe het echt zit, maar ze geven je niet de volledige informatie die je nodig hebt om de verbinding tussen de werkelijkheid en het Model van Wereld van de spreker te kunnen maken. Om het verarmde, verschraalde beeld weer kleurrijker, uitgebreider te kunnen maken, zul je vragen moeten stellen.

Volg je het nog? Het klinkt allemaal nogal abstract, hè?

Lees deel 9

Deel 7 gemist? Lees deze hier verder!